De flexibele kievit, de verstoorde grutto

"Als het nest van een grutto eenmaal is verstoord, komt ‘ie niet meer terug", weet weidevogelboer Jaco den Uijl in Kamperveen uit ervaring. "Een kievit wel, die laat zich niet zomaar wegjagen."

Met een beetje fantasie zou je hem een ‘kievit’ kunnen noemen, want ook Den Uijl liet zich niet wegjagen; achttien jaar geleden verhuisde hij zijn bedrijf vanuit het gebied wat nu woonwijk Het Onderdijks is naar zijn huidige boerderij aan de Jules van Hasseltweg. Veertig hectare beheert hij daar, met ongeveer 100 koeien en een jaarlijkse melkproductie van circa 1 miljoen liter.

Een deel van zijn grondgebied is sinds een paar jaar weidevogelgebied. Of eigenlijk; opnieuw weidevogelgebied, want een jaar of tien geleden deed hij ook al mee aan het project. "Dat leverde toen heel veel bureaucratie op, zeg maar", weet de melkveehouder nog van destijds. "Toen ben ik er mee opgehouden."

Een paar jaar geleden werd hij opnieuw benaderd, deze keer vanwege de aanleg van het Reevediep waarvan de dijken vanuit zijn land duidelijk te zien zijn. Ter compensatie van het verloren gegane groengebied werd opnieuw gezocht naar boeren die zich wilden inzetten voor het weidevogelbeheer. Deze keer loopt de samenwerking met de initiatiefnemers van het project, de provincie Overijssel en de Agrarische Natuurvereniging Camperland, een stuk beter. "We hebben inmiddels samen getekend voor de komende 30 jaar." In de praktijk betekent dit dat circa 9 hectare van zijn weides is aangewezen als weidevogelgebied, en dat daar tot het einde van het broedseizoen niet gemaaid wordt. Daarnaast gaat het om ongeveer 17 hectare met vluchtstroken voor de kuikens, die later worden gemaaid. Niet dat ik op andere delen van mijn land overal overheen rijdt", haast hij zich te zeggen.

"In samenwerking met ANV Camperland worden de nesten in de rest van het gebied gemarkeerd, zodat daar omheen gemaaid kan worden." Het geeft weer hoe de verhoudingen tussen natuurbeschermers, de provincie en de agrarische ondernemers in het gebied zijn verbeterd; niet langer staan de partijen tegenover elkaar, maar wordt er samen gewerkt aan het behoud van de weidevogels in het gebied. Weidevogelboer Jaco den Uijl werkt er graag aan mee. "Deze dieren verdienen ook een plaats in de schepping."

Sinds de doorstart van het weidevogelproject is de bureaucratie minder geworden leert zijn ervaring. "Er is meer overleg, niet overal wordt direct de meetlat bijgehaald." Suggesties om de weidevogelstand rondom Kamperveen nog hoger te krijgen heeft hij ook nog wel. "Kijk eens naar de invloed van predatoren." Want de invloed van rovers als buizerds en vossen is nog altijd merkbaar volgens Den Uijl. "Daar mag alleen beperkt iets aan gedaan worden, in tegenstelling tot bijvoorbeeld in de jaren ’50 van de vorige eeuw toen het beter ging met de vogels." Voortdurend blijven werken aan een cultuurlandschap zoals zijn dagelijkse werkterrein is, is volgens de Kampervener melkveehouder dan ook noodzakelijk. "Dit landschap is nooit zomaar in evenwicht."